Posts tonen met het label Originals. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Originals. Alle posts tonen

zaterdag 5 oktober 2013

Otis Williams and his Charms - Unchain my heart (1960)




Otis Williams and his Charms - Unchain my heart (1960)
(Agnes Jones/Freddy James)

Op het King Label

De song was een hit voor Ray Charles in 1961, begeleid oor de Raelettes, gereleased als single.

Gecoverd door : Ray Charles (1961) [n°1 R&B, top 10 US], Richard Anthony (1962) [als Délivre-moi; hit Fr], Trini Lopez (1963) , Rivingtons (1963) , Nancy Wilson (1964) , Roberto Carlos (1964) [als Desamane O Meu Coraçao], Undertakers (1966) , Herbie Mann (1968) , Joe Cocker (1987) , Paranoiacs (1988) [volgen de Undertakers], Shirley Johnson (1997) , Natacha Miller (2004) , John Scofield (2005) , Hugh Laurie (2013) ,

Agnes Jones en Freddy James waren pseudoniemen voor resp. Bobby Sharp en Teddy Powell. Teddy was een stafmedewerker in de Brill Building en die bood Bobby Sharp $50 in ruil voor 50% writing credits.

Bobby Sharp was de eigenlijke schrijver die zijn song verkocht voor drugs. Hij hield eerst nog een deel voor zich maar verkocht ook die rest in '63 voor $1.000. In '87 won hij zijn copyright terug, net op tijd voor de Joe Cocker cover. Agnes Jones was de naam van zijn nichtje.


Otis Williams and his Charms - Unchain my heart (1960)







vrijdag 13 september 2013

Dylan's "Pretty Saro"



We gaan nog een keer terug naar die wonderlijke Dylan verzameling van "Another Self Portrait"



Down in some lone valley
In a sad lonesome place
Where the wild birds do all
Their notes to increase

Farewell pretty Saro
I bid you Adieu
But I dream of pretty Saro
Wherever I go

Well my love she won't have me
So I understand
She wants a freeholder
Who owns a house and land

I cannot maintain her
With silver and gold
And all of the fine things
That a big house can hold

If I was a poet
And could write a fine hand
I'd write my love a letter
That she'd understand

And write it by the river
Where the waters overflow
But I dream of pretty Saro
Wherever I go.



Zonder twijfel  is voor mij  “Pretty Saro” het hoogtepunt van Dylan’s “Another Self Portrait”

Deze ouwe folkballade gaat zeer ver terug.

Origineel komt ze uit Engeland in de jaren 1700. In Engeland zowat uitgestorven werd ze zols zovele andere ballads “herontdekt” in de Appalachen zo halfweg de jaren 1800. Oraal doorgegeven via settlers en Ierse immigranten.

Het was Cecil J. Sharp , de grote verzamelaar van Appalachian volksmuziek , die de song opschreef van een versie gezongen in Noord-Carolina in 1916 door Mevr. Mary Sands.

De zanger heeft zijn liefde verloren , want hij heeft geen land noch goud . Afgewezen door Pretty Saro , gaat hij de wijde wereld in en zwerft rond. Hij zal haar echter niet kunnen vergeten. 



 

In de US vinden we verschillende varianten van de song. In de verschillende Amerikaanse versies is de song wat langer. Het begint met de aankomst van de zanger in dit land in 1849. Vaak is hij een arme soldaat, ver van zijn huis . Wat komt hij daar doen ?  1849 was het jaar van de goldrush, zie ook “Days of 49”.

“I came to this country in seventeen-forty-nine,
I saw many a true love, but I never saw mine.
I looked all around me and found I was alone.
And me a poor stranger, and a long way from home.

Down in some lonesome valley, down in some lonesome place,
Where the wild birds do whistle their notes to increase,
I think of pretty Saro whose waist is so neat,
And I know of no better pastime than to be with my sweet.”

Dit is de versie die Iris DeMent zingt in Songcatcher.





Dylan gebruikt de versie zoals opgetekend door Alan Lomax. Die publiceerde " Pretty Saro " in zijn “Penguin Book of American Folk Songs” ( 1964 ) .

Dit boekje was de inspiratie voor vele folksongs die het begin van de zgn. “Folk Boom” kleurden. 




Oudste opname is van Ed McCurdy (1956) (Topic)

Deze ballad wordt meestal aanzien als een Appalachian song, maar met echos die teruggaan op Schotland, Ierland, of - zoals hier - Engeland.

De song is terug te vinden op Ed McCurdy's lp "Ballad Singer's Choice."

Covers : Shirley Collins (1959) , Ritchie Sisters (1959) , Chad Mitchell Trio (1960) , Judy Collins (1962) , Doc Watson (1966) , Pete Seeger (1966) , Bert Jansch (1977) , Peggy Seeger (1984) [aangekondigd als 'an American song'], Doug Wallin (1995) , Iris Dement (2001) [in film Songcatcher] , en Dylan op zijn "Another Self Portrait) (2013)


Hier zijn

1 Ed McCurdy - Pretty Saro
2 Shirley Collins and Davy Graham - Pretty Saro
3 Jean Ritchie - Pretty Saro
4 Judy Collins - Pretty Saro
5 Doc Watson - Pretty Saro
6 Pete Seeger - Pretty Saro
7 Iris DeMent - Pretty Saro (from Songcatcher)
8 Bob Dylan - Pretty Saro (Unreleased, Self Portrait)









zaterdag 3 augustus 2013

Lula Reed - Idle Gossip (1959)




Lula Reed - Idle Gossip (1959)
(Sonny Thompson)

De naam van Lula Reed wordt fout geschreven op het label.
De B-kant van Lovin'.

Covers : Little Willie John (1959) [als Let Them Talk (de openingswoorden van de song) voor King; hit R&B], Dakota Staton (1960) , Frankie Ford (1961) [idem], Mitty Collier (1963) , Dale & Grace (1966) , George Benson (1966) , Bunny Sigler (1967) , Billy Young (1968) , James Brown (1969) , Kim Tolliver (1969) , Lonnie Mack (1969) , Bobby Patterson (1969) , Baby Washington (1970) , Roberta Flack (1971) , Manhattans (1971) , Derrick Morgan (1972) , Z.Z. Hill (1974) , Gwen McCrae (1975) , Persuasions (1979) , James Booker (1980) , Mike Bloomfield (1981) , Jon Cleary (1989) , Little Milton (1992) , Davell Crawford (1995) [op gelijknamige cd; idem als bij Jon Cleary], Marva Wright (2001) , Harry Connick Jr. (2007) [alle als Let Them Talk], Gary US Bonds (2009) [idem, titeltrack cd], Hugh Laurie (2011) [idem],

Lula's nummer werd opgenomen in februari, Little Willie's in juni. Chess (Argo) bracht Lula's nummer pas uit toen ze hoorden dat Little Willie John's versie eraan kwam.

Lula kende auteur Sonny Thompson al van toen ze met hem debuteerde in '51 met I'll Drown In My Tears.


Lula Reed - Idle Gosip



Little Willie John - Let them talk




dinsdag 30 juli 2013

Mohammed Hanesh - Sidi Mansour (1970)




Mohammed Hanesh - Sidi Mansour (1970)

Oorspronkelijk een Tunesisch volkslied. N°1 daar in een disco-versie in '75 (Ariola).

Dit was duidelijk waar Boney M in 1977 de mostard haalde voor de hit "Ma Baker", n°2 UK, n°1 NL & B.

Daarin werden niet alleen Ma Barkers misdaden uitgebreid bezongen, maar haar naam werd ook nog eens verbasterd tot Baker.

De echte Kate 'Ma' Barker was bovendien een beruchte gangstermadam (1877-1935) die samen met haar zonen Herman, Lloyd, Arthur en Fred eerst Oklahoma, Missouri en Minnesota, later ook Californië, Ohio, Florida, Texas en zelfs Havana op Cuba onveilig maakte. Zij was het brein achter een reeks gewapende bankovervallen, kidnappingen en diefstallen, haar jongens de uitvoerders.

Herman werd op heterdaad betrapt en neergeschoten in Kansas in 1927, Lloyd kreeg 25 jaar en Arthur werd aangehouden in Chicago met bewijzen op zak van waar zijn moeder toen uithing. De schuilplaats van Ma Barker en haar jongste zoon Fred werd omsingeld in januari 1935 maar in plaats van zich over te geven verdedigden ze zich tot de dood, Tommy gun in de hand. Tot oktober dat jaar werd er naar hun lichamen niet omgekeken. Toen werden ze naast het graf van Herman begraven in Welch, Oklahoma.

Lucky Luke tekenaar Morris modelleerde de neven Dalton op de zonen Barker en in 1971 verscheen zelfs een Lucky Luke album Ma Dalton, duidelijk gemodelleerd op ons voorbeeld. In 1970 regisseerde Roger Corman de film Bloody Mama met Shelley Winters in de rol van Ma Barker en met Robert DeNiro als één van haar zonen.

Sidi Mansour




 Ma Barker



woensdag 24 juli 2013

Bob Dylan's "SELF PORTRAIT"




“Self Portrait” was het tiende album van Bob Dylan en werd in 1969 opgenomen tijdens het hoogtepunt van Dylan’s carriére.

Na de release werd het album door diverse critici naar de prullenbak verwezen. Greil Marcus,  een recensent van Rolling Stone, vroeg zich af : “What is this shit?”.

Kort na Self Portrait, dat destijds ook een commercieel fiasco werd, bracht Dylan het met dezelfde ploeg muzikanten opgenomen New Morning uit. De critici en fans haalden opgelucht adem: Dit was Bob weer zoals ze hem kenden. De plaat werd zeer goed ontvangen en wordt nog altijd als een hoogtepunt in zijn oeuvre beschouwd.

Welnu, ‘This Shit’ krijgt jongen. In augustus 2013 komt er een 4-CD’s tellende deluxe editie van zijn album ‘Self Portrait’ (1970) in de winkels, met de toepasselijke titel ‘Another Self Portrait’. De 4-CD box is onderdeel van Dylan’s ‘Bootleg Series’.

‘Another Self Portrait’ bevat nog niet eerder uitgebracht materiaal komende van akoestische sessies die gehouden zijn voor ‘Self Portrait’ en ook van ‘Nashville Skyline’ (1968) en ‘New Morning’ (1970). De deluxe versie bevat ook nog het complete concert dat Dylan en zijn band in 1969 gaf tijdens het Isle of Wight Festival, alsmede de geremasterde versie van ‘Self Portrait’.

Hoog tijd dus om een van naderbij te kijken naar dat eerste “zelfportret”

Er is al eens gesuggereerd dat het album beter “American Muic” of zoiets had geheten, want dat is het in feite waar et om ging.

Dylan zong – ongedwongen en relaxed – folksongs of liedjes die hijzelf appreciëerde of kende.

Ik heb een paar originals van liedjes op dit (oorspronkelijk) dubbel album verzameld.

Ik heb ze aangevuld met originals en/of inspiraties voor het Dylan album uit 1973, waar tal van niet gebruikte songs voor Self Portrait op zijn terecht gekomen.

Dit zijn ze :

SELF PORTRAIT

01 The Davis Sisters - I Forgot More Than You'll Ever Know
02 Jules Allen - In The Days of 49
03 Ian & Sylvia Tyson - Early Morning Rain
04 Clarence Tom Ashley - Little Sadie
05 Gilbert Bécaud - Je t'Appartiens
06 Oscar Brand & Erik Darling - Copper Kettle
07 Billy Grammer - Gotta Travel On
08 Casa Loma Orch - Blue Moon
09 Simon and  Garfunkel - The Boxer
10 Little Jimmy Dickens - Take Me As I Am (Or Let Me Go)
11 Everly Brothers - Take a message to Mary
12 Tampa Red - It Hurts Me Too

DYLAN

Hank Snow - (Now And Then There's) A Fool Such As I
Peter LaFarge - Ira Hayes
Peter Paul and Mary - Flora ( The Lily Of The West)
Ronnie Gilbert - Spanish is a Loving Tongue
Edmond Clément – Plaisir d’Amour (original voor Can’t help falling in love)











dinsdag 9 juli 2013

J.J. Jackson - Come and see Me (I'm your man) - 1966




Een van de meest interessante en obscure figuren van jaren '60 soul is zonder twijfel  JJ Jackson (echte naam Jerome Louis Jackson).

We herinneren ons de man door zijn smash hit (in de R&B lijsten) in 1966 met een van de meest aanstekelijke hits van die tijd  “But it’s Alright."

De song klonk als een STAX product maar was in feite opgenomen in Engeland waar JJ Jackson op dat ogenblik verbleef.

Hij schreef o.m. voor the Shangri La’s “It’s easier to cry”

Minder gekend is zijn nummer dat door de Britse (toen R&B) groep The Pretty Things werd gecoverd, “Come see Me” .

J.J. Jackson - Come and see Me (I'm your man)




The Pretty Things - Come see me







donderdag 6 juni 2013

Roland Gerbeau - Douce France (1943) / La Mer (1945)




Op 18 mei zou Trenet 100 zijn geworden. "Le fou Chantant" zou "le fou cent ans" zijn geworden.

Om dit te vieren, en als eerbetoon heb ik iets speciaals.

Roland Gerbeau  - Douce France (1943)/ La Mer (1945)
(Charles Trenet)







 


Gerbeau figureerde toen als voorprogramma van Trenet, eerst in de ABC club in Parijs, daarna van 1942 tot '44 tijdens een never ending Tour de France. Hij kreeg daarom wel eens een nieuwe song cadeau en niet eens van de minste.

Zowel voor "Douce France" als voor "La Mer" zijn de eerste opnames van Roland Gerbeau (Disque Sofradis)

De auteursversie van "Douce France" door Charles Trenet kwam er pas in 1947.

Voor "La Mer" was dat een paar maanden na de opname van Gerbeau.


Douce France



La Mer




zondag 2 juni 2013

Mick Jackson - Blame it on the Boogie (1978)




Mick Jackson - Blame it on the Boogie  (1978)
(Mick Jackson/Dave Jackson/Elmar Krohn)

Originele opname : Mick Jackson (1978) (Atco)

Mick Jackson is een Brit (Yorkshire) en heeft buiten zijn naam niets gemeen met The Jacksons, op dit nummer na dus.

Hij schreef het nummer met Stevie Wonder in gedachte, maar op de Midem muziekbeurs begin '78 was de manager van de Jacksons iedereen voor. Het scheelde zelfs geen haar of hun versie kwam eerder uit dan die van Mick. Er zat nauwelijks een week verschil tussen cover en origineel.

Mick Jackson - Blame it on the Boogie





zaterdag 1 juni 2013

Rod McKuen



Rodney Marvin McKuen (Oakland (Californië), 29 april 1933) is een Amerikaanse dichter, zanger, liedjesschrijver en acteur.

McKuen loopt op jeugdige leeftijd weg van huis en zwerft enige tijd langs de Amerikaanse westkust.

Om zijn gebrek aan opleiding te compenseren begint McKuen met een dagboek, wat resulteerde in zijn eerste gedichten en songteksten. In de jaren 1950, McKuen werkte hij als columnist en propaganda scenarioschrijver tijdens de Koreaanse Oorlog.

Hij vestigde zich in San Francisco, waar hij zijn gedichten in clubs kan brengen met Beat dichters als Jack Kerouac en Allen Ginsberg. Daarnaast vergaart hij bescheiden bekendheid als folkzanger.

In de jaren zestig reist hij lange tijd door Frankrijk waar hij persoonlijk kennis maakt met diverse chansonniers. Hij maakt Engelse vertalingen van het werk van onder meer Gilbert Bécaud en Jacques Brel. Van die laatste worden onder meer "If you go away" (Ne me quitte pas) en "Seasons in the sun" (Le moribond) succesvol in het Engelse taalgebied. Diegenen die vertrouwd zijn met Brels origineel hebben vaak moeite om die versie in de Engelse bewerkingen terug te herkennen. In elk geval is het onderwerp veranderd: Brel zingt 'Ik wil dat ze dansen als ze mij in het gat gooien', McKuen maakt er 'We hadden plezier en lol in de zon' van. Hij maakt ook "Without a worry in the world" de vertaling van Moustaki's "Le Métèque".

In 1969 bestelt niemand minder dan Frank Sinatra een volledig album van gedichten en liederen van McKuen. Het wordt opgenomen met het orkest van Don Costa (de absolute top) en uitgebracht onder de titel "A Man Alone: The Words and Music van Rod McKuen".

Op dit album vinden we Rod McKuens beste nummer "Love's In Good to Me". Dit wordt later ook gecoverd door Johnny Cash op zijn "American Recordings".




 



Terug in Amerika maakt hij een aantal platen met Anita Kerr. Hij schrijft ook mee aan soundtracks voor films waardoor liedjes als "Jean" en "Soldiers who want to be heroes" hits worden. Daarnaast blijft hij poëzie uitbrengen. In 1977 schrijft hij het autobiografische boek Finding my father, over de mishandeling door zijn stiefvader die hij als kind moest doorstaan.

Vanaf 1981 wordt McKuens leven getekend door een klinische depressie waardoor zijn productiviteit sterk afneemt. Hij neemt afscheid van het podium, leidt jarenlang een teruggetrokken bestaan maar maakt eind jaren negentig dankzij Prozac en tientallen McKuen-fansites die hij op het internet ontdekt een voorzichtige comeback, maar daar blijft het bij.

Rod McKuen heeft ook verschillende dichtbundels op zijn repertoire staan plus een tiental symphoniën (!).


Love's been good to me



Soldiers who want to be heroes



Without a worry in the world (Le Métèque)





dinsdag 30 april 2013

Hello Mary Lou Goodbye Heart

The Sparks 


Hello Mary Lou Goodbye Heart
(Gene Pitney/Cayet Mangiaracina)

Eerste Opname met die naam : Johnny Duncan (1960) (label: Leader)






Johnny Duncan was een C&W artiest uit Clovis, New Mexico.

Gene Pitney moet de credits al een tijdje delen met Cayet Mangiaracina. Hij is de auteur van Merry, Merry Lou, voor het eerst opgenomen door The Sparks in 1957 (Decca) en gecoverd door Bill Haley ('57) en Sam Cooke ('58) als Mary, Mary Lou.

Mangiaracina was een geestelijke uit Atlanta en werd pastoor in Hammond, LA (plaatselijk bekend als 'The rock & roll priest'). Decca spande een proces aan tegen Hello Mary Lou en won.





Covers zijn : Ricky Nelson (1961) [n°1 NL & B als Hello Mary Lou; in Amerika begonnen als B-kant van Travelin' Man], Jan & Kjeld (1961) [hit in het Duits], Blue Diamonds (1962) , Gene Pitney (1962) [auteur op album The Many Sides Of Gene Pitney, versie die ouder is dan de eerst uitgebrachte van Duncan], Petula Clark (1962) [als Bye bye mon amour], Vince Taylor (1967) , Seekers (1968) , Bobby Lewis (1970) , Creedence Clearwater Revival (1972) , New Riders Of The Purple Sage (1973) , Statler Brothers (1985) , Queen (1986) [Live At Wembley], Seldom Scene (1987) , An & Jan (2006) [als Hallo Marjolein; An is Marjolein Meijers van De Berini's],

Hier zijn :

00 The Sparks - Merry Merry Lou (Hello Mary Lou)
01 Johnny Duncan - Hello Mary Lou Goodbye Heart
02 Gene Pitney (demo 1960 ) - Hello Mary Lou
03 Gene Pitney - Hello Mary Lou
04 Ricky Nelson - Hello Mary Lou
05 New Riders Of The Purple Sage - Hello Mary Lou Goodbye Heart
06 Creedence Clearwater Revival - Hello Mary Lou










donderdag 25 april 2013

Een paar onverwachte Dylan Originals



Even tijd voor een paar onverwachte Dylan Originals.

“Walk out in the Rain” is een Dylan-nummer dat Dylan zelf nooit officieel opnam (wel een demo op 1 mei 78 in de Rundown Studios, Santa Monica, CA) en dat in het archief van Jean Kluger belandde.

Zelfs de songcatalogus op Dylans Highway 61 cd-Rom vermeldt Ann Christy als de oudste versie.

Nog een tweede Dylan/Springs-compositie, “If I Don't Be There By Morning”, staat op de B-kant. Helena Springs was backing vocaliste en deelt opvallend veel coauteur credits in de periode onmiddellijk na het uiteengaan van Bob en Sara Dylan.



 
De Outtakes van “Street Legal” :
• "Coming From The Heart (The Road Is Long)" (Bob Dylan & Helena Springs)
• "Stop Now" (Bob Dylan & Helena Springs)
• "Walk Out In The Rain" (Bob Dylan & Helena Springs)


 
 Helena Springs


Bob Dylan - Walk out in the rain

Walk out if it doesn't feel right,
I can tell you're only lying.
If you got something better tonight,
Don't mess up my mind with your crying.

Walk out in the rain,
Walk out with your dreams,
Walk out of my life
If it doesn't feel right
And catch the next train.
Oh, darling, walk out in the rain.

I have come from so far away
Just to put a ring on your finger.
You've said all that you've got to say,
So please don't feel the need to linger.

Walk out in the rain,
Walk out with your dreams,
Walk out of my life
If it doesn't feel right
And catch the next train.
Oh, darling, walk out in the rain.

It's rainin' inside of the city,
My poor feet have walked 'til they're sore.
If you don't want my love, it's a pity,
I guess I can't see you no more.

Walk out in the rain,
Walk out with your dreams,
Walk out of my life
If it doesn't feel right
And catch the next train.
Oh, darling, walk out in the rain.



Deze song werd eveneens gecoverd door Eric Clapton (1978) op “Backless”.  Clapton  moet toen Anns single in handen hebben gehad want ook “If I Don't Be There By Morning” kwam op Backless terecht !







zaterdag 20 april 2013

I'm Five hundred (nine hundred) miles away from home - een zoektocht naar de bron van deze klassieker.




Voor mij begon het allemaal met de song van de franse Yéyé vedette Richard Anthony. Hij zong “J’entends siffler le train”.

Ik wou wel eens weten van waar hij die trein zo hoorde fluiten ? Richard Anthony zei dat het een vertaling was van de US Country hit van Bobby Bare, “Five hundred Miles” 


   Hedy West


1. Five hundred miles

"500 Miles" (ook bekend als "500 Miles Away from Home" of "Railroaders 'Lament') is een folksong  die vooral polpulair was  in de Verenigde Staten en Europa in de jaren 1960 gedurende de zgn.  folk revival.

De eenvoudige repetitieve tekst is een klaagzang van een reiziger die ver van huis is, geen geld meer heeft en te beschaamd is om terug te keren. Het lied wordt over het algemeen gecrediteerd als zijnde geschreven door Hedy West, terwijl sommige bronnen ook Bobby Bare, Curly Williams, en / of John Phillips als co-writers aangeven.

Hedy West zegt dat ze het lied leerde als kind van haar grootmoeder van vaderskant Lillie Mulkey West.

Maar het gaat veel verder terug : "500 Miles" gerelateerd aan een oudere folksong, "900 Miles", die zelf kan zijn oorsprong vindt in een zuidelijke Amerikaanse fiddle tune genaamd "Reuben's Train '.

Hedy West was een zanger en banjo-speler uit een Noord-Carolina folkies  familie. Waarschijnlijk heeft ze een oudere folktune wat meer opgeknapt en toegankeliker gemaakt, hier en daar de tekst aangepast om zo een meer populaire versie te maken en de credits. Hedy West overleed op 3 juli 2005, 67 jaar oud.

"500 Miles" is West “grootste hit” De eerste release van het nummer lijkt te zijn geweest op de 1961 titelloze debuut van de Journeymen. In de hiparade verscheen het lied in 1963 met Bobby Bare. Het werd door talloze artiesten opgenomen, waaronder oa Peter, Paul & Mary, The Kingston Trio, The Brothers Four en vele anderen.




2. Wat is de oorsprong van deze song ?

Blijkbaar gaat dit lied veel verder terug dan de versie Hedy West.

De auteur van volksmuziek is meestal anoniem. Folk songs zijn gemaakt door een gemeenschap, doorgegeven van generatie op generatie, komt ergens tot rust en past zich aan aan de plaatselijke noden en gewoonten. Dit is de reden waarom Bob Dylan zelden zijn eigen nummers twee keer op dezelfde manier zingt. Natuurlijk is er een stramien maar het principe blijft.

3."900 Miles" wordt  "500 Miles".

Deze song is in oorsprong een “train song”. Een folk vorm waarin de folk muzikant het heeft over een aantal mijlen, treinritten, bestemmingen en een eenzame stoomfluit.

   Fiddlin' John Carson
 

4. Nine Hundred Miles

In zijn huidige vorm is dit is een hillbilly blues. Woody Guthrie, de Okie balladeer en gitaar-picker, leerde het van een neger schoenpoetser in zijn woonplaats van Okema, Oklahoma.

De melodie dook op in vele vermommingen en kent variaties in het hele Zuiden.
In het tidewater land van Virginia noemen ze het de "Ruben Blues":

When old Reuben left home, he wasn't but nine days old,
When he come back he was a full grown man.
When he come back he was a full grown man.

They got old Reuben down and they took his watch and charm,
It was everything that poor boy had.
It was everything that poor boy had.

Bob Dylan’s “I was young when I left home” is een perfect voorbeeld van zo’n “verzamel” song. Gebaseerd voornamelijk op Guthries versie.

Verder naar het Westen, zingen de sharecroppers  :

I got my chickens in my sack and the hounds are on my track.
But I'll make it to my shanty 'fore day,
And I'll keep my skillet good and greasy all the time.


In Kentucky en Tennessee vertellen ze het verhaal van de trein die in de omgeving van een kolenmijn reed waar gevangenen dwangarbeid verrichtten.
 
The longest train that I ever seen,
Run around Joe Brown's coal mine,
The engine past (sic) at six o'clock,
And the last car passed by at nine.

Vandaag is de oudste directe uitloper van deze song de opname van Fiddlin’ John Carson als  “I’m nine hundred miles from home” (1924).


                      Emry Arthur

 
4. “R(e)uben's Train”

Ol Reuben made a train & he put it on a track
He ran it to the Lord knows where
Oh me, oh my ran it to the Lord knows where

Should been in town when Reuben's train went down
You could hear that whistle blow 100 miles
Oh me, oh my you could hear the whistle blow 100 miles

Last night I lay in jail had no money to go my bail
Lord how it sleeted & it snowed
Oh me, oh my Lord how it sleeted & it snowed

I've been to the East, I've been to the West
I'm going where the chilly winds don't blow
Oh me, oh my I'm going where the chilly winds don't blow

Oh the train that I ride is 100 coaches long
You can hear the whistle blow 100 miles
Oh me, oh my you can hear the whistle blow 100 miles

I got myself a blade, laid Reuben in the shade,
I'm startin' me a graveyard of my own.
Oh, me, oh lordy my, startin' me a graveyard of my own.

Deze song is de directe voorloper van “900 Miles” en wordt in de Appalaches gespeeld op clawhammer banjo.

De oudste opgenomen versie is deze van Emry Arthur

    Grayson & Whitter
 
5. Train 45"

Dit is een andere klassieke  "Train Song" op basis van hetzelfde gevoel. Tal van bluegrass spelers - o.a. Bill Monroe en de Stanley Brothers – hebben het gespeeld. Carter Stanley (Ruby Rakes) beweert de tekst te hebben geschreven, maar nogmaals, niemand kan echt worden aangeduid als de auteur.

Ik voeg de versie van "Grayson & Whitter" en "The New Lost City Ramblers" toe.



   Leadbelly
 

6. "In the Pines"

Misschien is dit de oervorm van de zuidelijke ballade voor het zwarte meisje (dark girl).

Overal waar deze melodie opdook gaat het over melancholie, een verlangen naar verre oorden in de richting van dingen die verloren en onherstelbaar zijn. In "Nine Hundred Miles" is dit thema uitgegroeid tot de meest beklijvende van alle spoorweg bluessongs.

Net als tal van andere volksliederen werd  "Where Did You Sleep Last Night" doorgegeven van de ene generatieaan de andere, van mond tot mond.

De eerste gedrukte versie van het lied  door Cecil Sharp, verscheen in 1917, en bestond uit slechts vier lijnen en een melodie. De lijnen zijn:

Black girl, black girl, don't lie to me
Where did you stay last night?
I stayed in the pines where the sun never shines
And shivered when the cold wind blows


In 1925 werd een versie van het lied opgenomen op fonograaf cilinder door een folk verzamelaar.

Dit was het eerste opgenomen spoor van een oude traditie. Deze variant van "The Longest Train"  heeft een strofe over "De langste trein die ik ooit zag".

Waarschijnlijk is deze strofe een eigen leven gaan leiden. In verschillende “folksongs” of “negrsongs” komt dit thema nu terug.

Muziek historicus Norm Cohen zegt in zijn boek "Long Steel Rail: The Railroad in American Folksong” ( 1981) volkslied," the song came to consist of three frequent elements: a chorus about "in the pines", a stanza about "the longest train" and a stanza about a decapitation, though not all elements are present in all versions. “

De song werd opgepikt door verschillende hillbilly bands.

De persoon die “in the pines” gaat of onthoofd is beschreven als een man, een vrouw, een puber, een vrouw, een echtgenoot of een ouder. De “Pines” (de dennen) staan symbool voor de  seksualiteit, dood of eenzaamheid. De trein staat als symbool voor de doder van een geliefde, of als het verlaten van zijn geliefde.

In andere varianten wordt een confrontatie beschreven. De persoon die wordt op de proef gesteld is altijd een vrouw, nooit een man.

De Kossoy Sisters folk-versie vraagt: "Little girl, little girl, where'd you stay last night? Not even your mother knows." Het antwoord op de volgende vraag "Where did you get that dress, and those shoes that are so fine?" is "from a man in the mines, who sleeps in the pines." Het thema is duidelijk. Een vrouw wordt betrapt op iets wat ze niet hoorde te doen.
Een variante is deze van Ora Ellison in Lookout Mountain Georgia. Hier gaat het om de verkrachting van een jonge meid uit Georgia die “in the pines” vlucht uit schaamte. Haar verkrachter, een jonge soldaat wordt onthoofd door de trein.

Mrs. Ellison denkt dat deze song is ontstaan kort na de burgeroorlog.
De oudste versie van deze gaat terug naar de Peg Leg Howell blues "Rolling Mill Blues".

Andere bekende versies zijn: Leadbelly, Doc Watson, The Louvin Brothers ...

Het lied werd vreemd genoeg ook opgenomen door The Journeymen onder de titel: "Black Girl", dat brengt ons terug naar waar we begonnen, en sluit de cirkel.


   Peg Leg Howell and his Gang in Atlanta (1931)

 
Dit is wat ik verzamelde :

1924 - Fiddlin John Carson - I'm Nine Hundred Miles from Home
1929 - Grayson & Whitter - - Train 45
1929 - Peg Leg Howell - Rolling Mill Blues
1930 - Emry Arthur - Reuben Oh Reuben
1935 - Leadbelly - Where Did You Sleep Last Night
1945 - Woody Guthrie - 900 Miles (BBC Recording Children's hour)
1953 - Cisco Houston & Woody Guthrie - 900 Miles
1953 - Red Smiley - 900 Miles
1959 - The New Lost City Ramblers - Train 45
1961 - Barbara Dane - Nine Hundred Miles
1961 - The Journeymen - 500 Miles
1961 - The Journeymen - Black Girl
1962 - Bob Dylan - I Was Young When I Left Home (Home recording)
1962 - Kingston Trio - 500 Miles
1962 - Lonnie Donegan - 500 Miles Away From Home
1962 - Mac Wiseman - In the Pines
1962 - Peter, Paul and Mary - 500 Miles
1963 - Bobby Bare - Five Hundred Miles
1963 - Dock Boggs - Ruben's Train
1963 - Hedy West - 500 Miles











woensdag 17 april 2013

LILL BABS - ÄR DU KÄR I MIG ÄNNU, KLAS-GÖRAN (1959)




LILL BABS - ÄR DU KÄR I MIG ÄNNU, KLAS-GÖRAN (1959)

Even tussendoor van vaderlandse archologie.

Cover van Ria Valk als "Hou je echt nog van mij Rockin' Billy?"

"Hou Je Echt Nog Van Mij, Rocking Billy?" Van Ria Valk was na "Kom Van Dat Dak Af" en "Ramona" de derde Nederlandse rocker of wat daarvoor moest doorgaan. In ieder geval swingde het al een heel pak meer dan zijn voorbeeld.

Inderdaad, Rocking Billy emigreerde niet alleen van Nederland naar Amerika, hij was voordien ook al vanuit Zweden naar Nederland afgereisd.

De tekst is min of meer bewaard gebleven, het is alleen het arrangement dat een aardig tandje bijsteekt, want het Zweeds origineel bleef duidelijk steken in de boerenpolka. Geschreven door Stig Anderson, de latere manager van ABBA (de showwereld is klein ginder) en alsof ze het er speciaal voor gedaan hebben stikt het weer van de Skandinavische klinkers in de titel.







Ria Valk (Eindhoven, 11 februari 1941) is een Nederlandse zangeres, voormalig televisie-presentatrice en actrice.

In mei 1959 werd ze met haar uitvoering van Tutti Frutti tweede achter winnaar Pim Maas bij een Elvis-imitatiewedstrijd. Het betrof hier de verkiezing van de Nederlandse Elvis Presley, in Cinema Royal. Ria verscheen in een zwart-oranje gestreepte lange broek, met laarzen en een cowboyhoed voor het voetlicht. De zaal joelde heftig, want iedereen vond dat meisjes met Elvis-verkiezingen niets te maken hadden.

In haar beginjaren legde ze zich toe op de rock-’n-roll en scoorde ze in 1960 de hit “Hou je echt nog van mij Rockin’ Billy”, wat haar definitieve doorbraak betekende. Daarop volgden succesvolle nummers als Ik wil een cowboy als man, Als ik de golven aan het strand zie en Tommy uit Tennessee. Samen met Rob de Nijs, Trea Dobbs, Marijke Merckens en Kitty Courbois acteerde en zong Ria Valk in de TV-show “TV-magazine”, waarin ze naast humoristische liedjes ook redelijk wat serieus materiaal te zingen kreeg van Harrie Geelen en Hans Peters. Een aantal nummers uit het programma zijn vastgelegd op de LP TV Magazine 1965 op het DECCA-label, één van de eerste populaire LP’s die behalve in mono ook in stereo verscheen.

Later legde Ria zich voornamelijk toe op het komische genre met onder andere veel carnavalshits zoals “Janus pak me nog een keer”, “We hebben de feestneus van Toon gevonden”, “Vrijgezellenflat”, “De liefde van de man gaat door de maag”, “Leo” en “Jans Pommerans”.

Eind jaren ’80 speelde ze een rol in de VARA TV-serie “Zeg ‘ns AAA” en scoorde nog een aantal bescheiden feesthits.


Lill Babs



Ria Valk




zondag 14 april 2013

Thomas Wayne - The girl next door (1959)




Thomas Wayne - The girl next door (1959)

(Bill Rice/Thomas Wayne Perkins)

Originele Opname : Thomas Wayne (1959) (Fernwood)

Dit was de B-kant van Because Of You.

Productie: Scotty Moore, die ook meespeelt naast Bill Black, D.J. Fontana en Reggie Young. Thomas Wayne liep school in Humes High in Memphis, net als Elvis. Zie ook: This Time.

Gecoverd door Elvis Presley (1960) [ook met Scotty & D.J. en ook als The Girl Next Door Went A Walkin']

Thomas Wayne



Charlie Blackwell - The Girl of my best friend (1959)






Tijd weer voor wat Originals, deze keer Elvis Originals.

Charlie Blackwell - The Girl of my best friend (1959)
(Beverly Ross/Sam Bobrick)

Originele Opname : Charlie Blackwell (1959)

Gecoverd door Elvis in 1960, en Ral Donner een jaar later (hoewel gecoverd.... het is eigenlijk een gewone kopie van wat Elvis ervan had gemaakt)



Charlie Blackwell