dinsdag 25 december 2012

Dylan’s Christmas in the heart (2009)




Kerstmis. Voor een Dylanfan is de volgende post evident, hoewel.

Vier jaren geleden verblijdde his Bobness ons met een “Kerstplaat”, Hallelujah. Niet een echte Bob Dylan plaat, geen Americana, niks speciaals, gewoon een Kerstplaat. Op zich was het een niemendalletje, aangenaam voor de tijd van het jaar, maar meer niet.

Dylan speelde hier een plaat vol met kerstliederen. Ik ging op zoek naar de oudste opnamen ervan.

Dit zijn die originelen :

01 – Here Comes Santa Clause – Gene Autry
02 – Do you Hear What I Hear – Harry Simeone Chorale
03 – Winter Wonderland – Richard Himber & His Orchestra
04 – Hark! the Herald Angels Sing – Henry Burr (geschreven door  Felix Mendelssohn Bartholdy)
05 – I’ll Be Home For Christmas (If Only in my Dreams) – Bing Crosby
06 – Carol of the Drum – Trapp Family
07 – The Christmas Blues – Jo Stafford
08 – O’ Come all Ye Faithful (Adeste Fideles) – Unknown Player
Dit is echt de oudste opname van  “O’ Come all Ye Faithful (Adeste Fideles)”  uit  1899.
09 – Have Yourself a Merry Little Christmas – Judy Garland
10 – Must Be Santa – Mitch Miller
11 – Silver Bells – Bob Hope & Marilyn Maxwell
12 – The First Noel – The Invincible Male Quartet
13 – Christmas Island – Andrews Sisters and Guy Lombardo and His Royal
14 – The Christmas Song – Nat King Cole
15 – Oh, Little Town of Bethlehem – Trinity Choir






zondag 23 december 2012

Deep Purple's Black Night - de Riff



"Black Night" staat op die fantastische Deep Purple elpee "In Rock" De song drijft op een fantastische riff gespeeld door gitarist Ritchie Blackmore .

Waar komt dat vandaan ?

Welnu, riff en intro zijn een getrouwe kopie van de basriff van Summertime van Rick Nelson ('62). Dat zegt Ritchie Blackmore in een BBC documentaire, en hij kan het weten.

Rick Nelson - Summertime




Deep Purple - Black Night.





donderdag 20 december 2012

Patti Witten, een verre vriend



Singer songwriter Patti Witten groeide op in een muzikale familie. Ze leerde natuurlijker wijze (klassieke) muziek spelen.

Toen ze negen was begon ze met viool en fluit lessen. In haar vrije tijd leerde ze ook gitaar.

Patti Witten begon professioneel aan het einde van de jaren '70. Ze deed haar eerste echte optreden als fluitiste in een jazz ensemble. Ze speelde mee in een aantal pop en folk bands en zelfs een R & B dance band.

In 1988 ging ze “serieus” werken, Witten werd grafisch ontwerper.  Ze illustreerde kinderboeken.

In 1997 kwam ze terug tot haar oude liefde, de muziek. Ze had zich ingeschreven voor een workshop muziek en gitaar, gegeven door Roseanne Cash (dochter van). Deze workshop was zo begeesterend en Roseanne Cash moedigde haar zo aan dat Patti besloot om nu serieus  muziek te gaan maken.

Daarna leek er geen houden meer aan. 



 

In 1999 nog won Patti Witten een aantal wedstrijden, waaronder het Great American Songfestival, en het 16e Mid-Atlantische Songfestival.

Dat zelfde jaar bracht ze in eigen beheer haar prachtige solo debuutalbum, “Land of Souvenirs” uit.

Al gauw volgden een nieuw album, ditmaal wel bij een gevestigde uitgever, “Prairie Doll”.

Haar beste album tot nog toe is nu al zes jaren oud “Sycamore Tryst” met het pachtige “Black Butterfly.

Ik leerde haar een tiental jaren geleden kennen en ben nog steeds een fan.

Hi Patti !






Black Butterfly



Tell the Wind



Encircled (voor Joni Mitchell)




zaterdag 15 december 2012

David Ackles - Road to Cairo (1968)




David Thomas Ackles (27 februari 1937 - 02 maart 1999) was een Amerikaanse singer-songwriter. Hij nam  tussen 1968 en 1973 vier albums op.

Ackels was volstrekt uniek, geen rockster, helemaal apart.

Geen wonder dus dat hij nooit echt commerciëel succes kende. En toch..

Mensen als  de Britse singer-songwriters,  Elvis Costello, Elton John en Phil Collins zeggen allemaal door hem te zijn beïnvloed.  Na Ackles dood zei Costello: "Het is mij een raadsel waarom zijn prachtige songs niet meer bekend zijn"

Ackles begon zijn opname carrière als staf songwriter voor Jac Holzman bij Elektra Records. Geen van de nummers die hij schreef waren goed genoeg voor een van Elektra's artiesten en Holzman suggereerde dan maar dat David Ackles zijn werk zelf zou opnemen. 

 


Zijn eerste album, “David Ackles” (1968) was een steengoed album, maar commercieel succes was er niet. Zelfs wanneer het in 1971 werd heruitgegeven bleef het succes weg.

De follow-up uit 1969, “Subway to the Country”,  bevatte nummers die sterk theatrale invloeden versmolten met piano-based rock. Zijn liedjes weerspiegelden de zelfkant van het leven, maatschappelijke verschoppelingen. Op deze manier liep hij vooruit op de songs van Bruce Springsteen en Steve Earle.




Zijn “hit album” “American Gothic”, uitgebracht in 1972, werd geproduceerd door Elton John's tekstschrijver Bernie Taupin. Het album deed het niet slecht maar buiten de loftrompet van collega’s werd het eigenlijk de derde flop op een rij. Elektra zag geen  commerciële vooruitzichten meer in de man en liet hem na dit album vallen.

Hij maakte nog een album voor CBS maar daarbij bleef het.

David Ackles ging lesgeven in muziek tot aan zijn vroegtijdige dood in 1999.




“Road To Cairo”  uit zijn eerste album werd gecoverd door Brian Auger & Julie Driscoll in 1968.

David Ackles nam er toen ook een franse versie van op “La Route a Chicago”








vrijdag 14 december 2012

The Who - Ready Steady Who (1966)




“Ready Steady Who”  is een (neen …de) EP van The Who.

Het was hun enige UK EP en werd gereleased op 11 november 1966. De titel verwijst naar “Ready Steady Go!”, het TV programma waar de groep pas had opgetreden.

De EP bevat verschillende opnames van wat werd uitgevoerd op tijdens die tv-show.

Het gaat om

- twee originele nummers van Pete Townshend, en
- covers van het thema van de Batman tv-serie en Jan en Dean's "Bucket T".
- en een cover van The Regents '"Barbara Ann", een song waarvoor the Who zich inspireerden op het arrangement van de Beach Boys.







dinsdag 11 december 2012

Chuck Berry - Nadine (EP "Eddy Mitchell présente..." (1964)




Charles Edward Anderson Berry werd geboren te St. Louis, Missouri op 18 oktober 1926.

Chuck Berry is misschien wel de meest invloedrijkste gitarist uit de moderne muziek en wordt ook wel als 'de vader van de rock and roll' bestempeld. Weliswaar was hij het niet die de rock and roll introduceerde, maar zijn gitaarwerk inspireerde vele gitaristen, van the Beach Boys tot Jimi Hendrix, van Stevie Ray Vaughan tot Eddie van Halen. Maar ook Jimmy Page, Keith Richards, Duane Allman, John Lennon, George Harrison en anderen. Elke muzikant kent de impact die Chuck Berry op de populaire muziek heeft gehad en nog heeft.

Of zoals Eric Clapton zei : “Er is geen andere manier om rock 'n roll te spelen.“

Zelf werd Chuck beïnvloed door gitaristen als Muddy Waters, Charlie Christian, Elmore James (king of the slide guitar), Carl Hogan en Chester Arthur Burnett (Howlin' Wolf).

Berry was een zanger-songwriter en vooral gitarist die inhaakte op de nieuwe ontwikkelingen van de muziek in de jaren vijftig. Chuck's muziek stijl was simpel maar erg effectief op de manier als het klonk. Een mengsel van country music en blues gespeeld in uptempo.

Dit is mijn eerste franse EP (geïntroduceerd door Eddy Mitchell in de reeks “les Rois du Rock”) van Chuck Berry. Uit 1964.

Pure magie en nostalgie !


Chuck Berry - Nadine (EP "Eddy Mitchell présente..."  (1964)






vrijdag 7 december 2012

Georgie Fame - Rhythm and Blues at the Flamingo (UK EP 1964)



De EP met de titel "Rhythm & Blues at the Flamingo", werd uitgebracht in november 1964, precies twee maanden voor zijn "Yeh Yeh" single Georgie Fame naar de nr. 1 in de UK charts stuwde.

De EP bevatte vier nummers van de LP opgenomen in een bezwete nacht op het podium voor een kokend publiek in de Flamingo Club Londen.

De EP opent met James Brown's "Night Train" (ook de LP's opener). Direct hoor je wat voor een echte band hier speelt. Een goeie sterke blazerssectie en het Hammond Orgel van Fame. En niet te vergeten de conga's van Speedy Acquaye.

Het tweede nummer si een onderkoelde weergave van Mose Allison's "Parchman Farm" (doorspekt met wat opgewonden kreten door de bende van Georgie). Niemand in het Verenigd Koninkrijk deed Allison's songs zo goed als Georgie Fame.

Side Twee opent met Oscar Brown Jr interpretatie van Nat Adderley's "Work Song" vol enthousiasme.

Mose Allison's "Baby Please Do not go" sluit de EP af, een cover van Big Bill Broonzy.

Alle vier de nummers zijn goed uitgevoerd, de opnamekwaliteit klinkt een beetje dof (niet zo scherp als The Big Three's live-EP van de Cavern een jaar eerder) waarschijnlijk te wijten aan de opstelling van de microfoons tijdens de opname.

Ondanks alles is dit een document van de Britse R & B geschiedenis uit die schitterende beginjaren zestig.